Van gebaar naar woord - rollenspellen over taal
Managua, eind jaren zeventig. Op een nieuwe school worden dove kinderen uit het hele land bij elkaar gebracht. Ze hebben geen gedeelde taal. Thuis gebruikten ze elk hun eigen handvol gebaren, alleen begrepen door hun familie. In de klas proberen de leraren ze liplezen en Spaans te leren. Dat lukt nauwelijks.
Maar op het schoolplein en in de schoolbus gebeurt iets anders. De kinderen gooien hun gebaren bij elkaar, nemen elkaars tekens over, slijpen ze bij. Binnen een paar jaar is er een volwaardige taal ontstaan die niemand ze heeft geleerd: de Nicaraguaanse Gebarentaal. Taalkundigen reizen erheen om iets te zien wat ze nooit eerder zagen: een taal die geboren wordt.
Een spel in stilte
Bijna veertig jaar later maakten Kathryn Hymes en Hakan Seyalioglu daar een spel van. Hymes is taalkundige, Seyalioglu cryptograaf, en samen vormen ze Thorny Games, een studio die alleen spellen maakt over taal en geheimschrift.
Sign: A Game about Being Understood wordt gespeeld zonder één woord te zeggen. Eén speler is de leraar, de anderen zijn leerlingen. Het spel wisselt tussen de klas en het speelkwartier, en in die rondes bouwen de spelers hun eigen gebaren op, uit niets. In 2015 won het de Indie RPG Award voor het beste gratis spel. De opbrengst van de gedrukte versie gaat naar gebarentaalonderwijs in Nicaragua en heeft inmiddels meer dan vijftienduizend dollar opgehaald. Er bestaat zelfs een gratis Nederlandse vertaling, gemaakt door Willeke Kort.
Een taal die sterft
Daarna draaiden ze de vraag om. Eind 2015 kwamen ze op een nieuw idee: kun je het verhaal van een volk vertellen door hun taal te bouwen? Het werd Dialect, met als ondertitel: een spel over taal en hoe die sterft.
In Dialect speel je een afgesloten gemeenschap: een kolonie op Mars, een groep buitenstaanders na de ondergang, een eiland dat vergeten is. Elke beurt leg je een kaart, verzin je een woord voor iets wat die gemeenschap nodig heeft, en vertel je waarom juist zij daar een eigen woord voor hebben. Zo groeit er in drie tijdperken een taal, en met die taal een geschiedenis. Aan het eind komt het isolement ten einde, en vaak verdwijnt de taal dan mee.
De Kickstarter in 2016 vroeg drieduizend dollar en haalde er binnen een paar weken meer dan het tienvoudige van op. Er schreven makers aan mee als David J. Peterson, de taalbouwer achter het Dothraki uit Game of Thrones, en Elizabeth LaPensée, die een speelwereld schreef geïnspireerd op haar eigen Anishinaabe-achtergrond. In 2019 won Dialect zilver voor Best Game bij de ENnies, net achter Mothership. Datzelfde jaar stond het als een van de weinige tafelspellen op de E3, de grote beurs voor videogames.
Van bijzaak naar hoofdzaak
Dat taal de kern van een spel kon zijn, was nieuw. Natuurlijk was taal altijd al de bron van fantasy. Tolkien schreef dat hij eerst zijn talen bedacht en dat zijn verhalen eigenlijk bedoeld waren om die talen een wereld te geven, een geschiedenis die we volgden in Van Midden-aarde naar de tafel.
Maar aan de speeltafel bleef taal decennialang een regeltje op je personageblad. Je sprak Algemeen en Elfs, en daarmee was het geregeld. Thorny Games keerde dat om: geen taal als vaardigheid, maar taal als speelveld. Het woord dat je verzint, is je zet.
In 2020 haalden ze met Xenolanguage ruim honderdduizend dollar op van meer dan dertienhonderd backers. Dit keer is de taal buitenaards: je speelt onderzoekers die met een bord vol dertig vreemde symbolen en een soort planchette proberen te begrijpen wat er tegen hen gezegd wordt. Hoe dat spel de film Arrival naar tafel brengt, beschrijven we in ons stuk over Arrival en Xenolanguage. Samen vormen deze spellen de kern van onze hoek First Contact & Language.
Waar het schuurt
Eerlijk is eerlijk: dit is geen makkelijk genre. Een woord verzinnen voor een groep die meekijkt voelt eerst onwennig, soms ronduit gênant. Een tafel die alles met een grap afdoet, komt nooit in het spel.
Er zit ook een moeilijkere vraag in. In Sign spelen horende mensen dove kinderen, en dat vraagt om zorg. Thorny Games ontwikkelde het spel met de organisatie achter de Nicaraguaanse gebarentaalprojecten en geeft de opbrengst aan hen; Dialect liet speelwerelden over echte gemeenschappen schrijven door mensen uit die gemeenschappen. Dat neemt de vraag niet weg, maar het is een eerlijk antwoord.
En het oorspronkelijke verhaal is rommeliger dan de mooie versie. Het idee dat oudere leerlingen de taal simpelweg aan jongere doorgaven, noemen de makers zelf een hardnekkige mythe. Hoe de Nicaraguaanse Gebarentaal precies ontstond, is onder taalkundigen nog altijd onderwerp van discussie.
Wat er gezegd werd
Terug naar dat schoolplein in Managua. Ergens daar maakte een kind een gebaar dat alleen een paar andere kinderen begrepen, en die begrepen het. Dat is alles wat een taal nodig heeft om te beginnen.
Een spel wordt echt door één concreet detail en één verlangen. Bij deze spellen is het detail een enkel woord, of een enkel gebaar, en het verlangen is het oudste dat er is: begrepen worden. Het staat zelfs in de ondertitel van Sign. Wie wil voelen hoe dat aan tafel werkt, hoeft niet te wachten op buitenaards bezoek. Een paar mensen en een stapel kaarten zijn genoeg. Wie liever schrijft dan gebaart, vindt hetzelfde verlangen in Van penvriend naar speler.